Volgend artikel

Interview

RICK WIELENS

‘Het is er al, alle nieuwe technologie die corporaties nodig hebben’

7 minuten leestijd

De uitdagingen en taken van woningcorporaties zijn onvoorstelbaar groot. ‘Zonder innovatieslag gaat het geld allemaal op aan bestaande technieken. En dat is zonde’, zegt Rick Wielens. Hij is kenner, begeleider en uitvoerder van talloze innovaties in vooral het bedrijfsleven. ‘Innovaties bij corporaties moeten wezenlijk bijdragen aan de kwaliteit van wonen van de huurder.’ Een interview over het vergroten van de innovatiekracht van woningcorporaties.

‘Als het om innovatie gaat, hebben woningcorporaties een laag absorptievermogen’, zegt Rick Wielens. ‘Bij een hightechbedrijf als bijvoorbeeld ASML is dat vermogen juist heel groot. ASML kan spannende zaken die nog diep in de wetenschap zitten eruit oppikken en verder ontwikkelen tot praktisch bruikbare technieken en instrumenten. Ook al is daar vijf of tien jaar voor nodig. Daar hebben ze dan ook ruim 4.000 onderzoekers en ontwikkelaars voor in dienst, waaronder hoogleraren.’

Van een woningcorporatie kun je dat natuurlijk niet verwachten, vervolgt hij. Corporaties zijn geen ontwikkelclubs van slimme ingenieurs die de tijd en de miljoenen hebben om theoretische innovaties uit te werken. Zij moeten zorgen voor goede woningen voor hun huurders. En dat is in deze tijd al spannend genoeg.

‘Corporaties zijn geen ontwikkelclubs van slimme ingenieurs die de tijd en de miljoenen hebben om theoretische innovaties uit te werken’

‘Corporaties staan voor onvoorstelbare uitdagingen. Neem alleen al de verduurzamingsopgave. Corporaties hebben in kaart gebracht hoe ze vóór 2050 hun sociale huurwoningen gasloos en CO2-neutraal kunnen maken. Daar is zeker 100 miljard euro voor nodig.’

‘Zonder innovatieslag gaat dat geld allemaal op aan in de branche bekende oplossingen. Dat zou jammer zijn, want dat draagt niet wezenlijk bij aan verhoging van de kwaliteit van sociale huurwoningen. Aan het absorptievermogen van corporaties kunnen we niet veel doen. Maar corporaties kunnen wel hun innovatiekracht vergroten.’

Slimste stad van het land

We spreken Wielens op de High Tech Campus in Eindhoven. De Open Innovation Academy, de stichting waarvan hij directeur Strategische allianties is, zetelt hier. De stichting ondersteunt organisaties bij het versnellen van innovaties door te kijken welke kennis op verschillende plekken al voorhanden is en door dit samen te brengen. Dat doet de Academy niet alleen voor commerciële bedrijven, maar ook voor bijvoorbeeld gemeenten, provincies en woningcorporaties.

De Campus maakt Eindhoven tot de slimste stad van Nederland. In zo’n 150 bedrijven, instituten en samenwerkingsverbanden werken hier meer dan 11.000 onderzoekers, ontwikkelaars en ondernemers. Bedrijven zoals Philips, ASML, IBM en Intel delen hier kennis, kunde en research- en development-faciliteiten om sneller, beter en klantgerichter te kunnen innoveren.

Ze hebben allemaal hetzelfde doel: nieuwe technologieën en toepassingen ontwikkelen die oplossingen helpen bieden voor maatschappelijke problemen én deze succesvol introduceren in de markt.

Grote opgaves

‘Dat vraagt om een andere manier van werken met de buitenwereld. Om zogeheten open innovatie, waarbij corporaties ideeën uitwisselen en gaan samenwerken met de markt en met andere sectoren. De challenges zijn daar een voorbeeld van. Wielens kent de sector goed. Hij was als onafhankelijke partij betrokken bij de badkamerchallenge en de 100%GZNDwonen-challenge van Mitros in Utrecht. Innovatieve wedstrijden met een op een prijsvraag gebaseerde competitie om marktpartijen versneld uitvoerbare oplossingen te laten ontwerpen. Zie ook het artikel We moeten achter onze bureaus vandaan

Mitros werkt ook bij haar nieuwste challenge weer met Wielens en de House of Open Innovation, dat is de zusterorganisatie van opleidings- en kennisinstituut Open Innovation Academy. Deze keer gaat de corporatie daarbij samen met de andere corporaties uit de omgeving Utrecht op zoek naar duurzame isolatie-oplossingen.

Kwaliteit van wonen

‘De beste innovaties in de corporatiesector zijn volgens mij de innovaties die wezenlijk bijdragen aan de kwaliteit van het wonen voor de huurder’, aldus Wielens. Het gaat zijns inziens dus niet in eerste instantie om efficiencyverbetering en kostenbesparing.

‘De winst van de badkamerchallenge van Mitros is dat bewoners nu in één dag tijd een nieuwe badkamer krijgen. Ze zitten dus niet dagenlang in een huis vol rommel en werkmensen en hoeven niet tijdelijk ergens anders te bivakkeren. 

Daarnaast leidt de challenge tot procesvereenvoudiging bij de corporatie: het is niet nodig elders tijdelijk onderdak of tijdelijk sanitair voor de bewoners te regelen. De tijdsreductie zal ook leiden tot kostenreductie. Maar dat was niet het belangrijkste doel van de badkamerchallenge.’

Foto: Bart van Overbeeke

RICK WIELENS (46)

Is Strategic Alliance Director van de Open Innovation Academy. Hij heeft 20 jaar ervaring in de wereld van innovatie. Zijn eerste onderneming na diverse functies bij Philips en SAP, was het oprichten van een Open Innovatie ‘expert sourcing’ bedrijf: HIP Europe. Hierbij bracht hij kennis van hoogopgeleide gepensioneerde professionals bijeen om een breed scala aan innovatiebehoeften uit te wisselen. In zijn vorige werk als CEO van Ninesigma Europa voerde hij meer dan 400 innovatiechallenges uit voor bedrijven als Siemens, Philips, ASML en AkzoNobel.

Op de foto's staat Wielens in het Holst Centre/imec, de Open Innovation Academy is een spin-out van dit top technologie instituut. 

Bij een open innovatiechallenge is het belangrijk om niet om oplossingen te vragen die de markt al kent, alleen maar om de prijs wat omlaag te krijgen, vervolgt hij. Het draait om echt vernieuwende ideeën.

Unknown unknowns

‘De voormalige Amerikaanse minister van Defensie Donald Rumsfeld maakte het onderscheid tussen de known knowns – dingen waarvan we weten dat we ze weten –, de known unknowns – we weten dat er dingen zijn die we niet weten – en de unknown unknowns – waarvan we niet eens weten dat we ze niet weten. Die laatste categorie is natuurlijk het meest intrigerend.

Een bedrijf als ASML heeft over de hele wereld scouts in dienst die daar naar op zoek zijn. Bijna onbedoeld en ogenschijnlijk toevallig doen die soms de belangrijkste ontdekkingen. Tussen die spannende research en het development kan vijf jaar zitten. Corporaties hebben op dat terrein dus niet veel te zoeken.’ Hij lacht. ‘Al was het maar omdat de Woningwet het nooit goed zal vinden.’

Katalysator

Om hun innovatiekracht te vergroten, hoeven corporaties ook niet heel diep de wetenschap in, benadrukt hij nogmaals. ‘Alles wat er aan nieuwe technologie voor corporaties nodig is, is er al. Het is alleen nog niet altijd in jullie domein.’ Het is de kunst om technieken en apparaten die nu nog in research zijn, versneld tot toepassingen te brengen die vraagstukken in de sociale huisvesting kunnen oplossen.

Corporaties kunnen bijvoorbeeld een challenge gebruiken als katalysator voor het implementeren van innovaties. ‘Daarvoor moeten ze aan de voorkant een heel heldere probleemstelling formuleren. En ze moeten de toeleveranciers verleiden om de innovaties uit te werken. Dat kan met behulp van prijzengeld en door als corporaties samen te werken. Dan hebben jullie massa die het voor de markt commercieel aantrekkelijk maakt. De markt kan niet innoveren voor tien huizen.’

‘Alles wat er aan nieuwe technologie voor corporaties nodig is, is er al’

En bouwvakkers staan nog steeds op de steiger

Bij een gebouw met opvallend geel gekleurd licht aan de overkant op de High Tech Campus gaat nu de zonwering omlaag. De bijzondere gele kleur is om in de cleanrooms de processen te beschermen waar experimenten met semiconductor materiaal worden gedaan. Ondertussen staan elders in Eindhoven bouwvakkers op een steiger. ‘Ik schaam me soms een beetje dat in de bouwbranche de meeste processen al 100 jaar hetzelfde gaan’, zei Bas Sievers, directeur Wonen en Vastgoed bij woningcorporatie Wonen Limburg in een eerdere editie van Aedes-Magazine. ‘Alle andere sectoren zijn verder met innoveren, en wij laten nog metselen met de hand.’

Hoe ziet Wielens dit?

‘De bouw is wereldwijd de enige industrie met een vlakke en in veel westerse landen, negatieve arbeidsproductiviteitsontwikkeling’, zegt hij. ‘Ze maken in de afgelopen 40 jaar per werknemer steeds minder omzet en winst.’ Dat komt volgens hem doordat er te weinig gebeurt aan technologieontwikkeling en kapitaalinvesteringen. ‘Veel bouwers, aannemers en installateurs schrijven zich in op tenders en zijn nauwelijks bezig met het uitontwikkelen van een nieuw product dat ze vervolgens kunnen aanbieden aan hun eigen keten.’

Kijk weer naar de warmtepomp, zegt Wielens. ‘De meeste aannemers en installateurs kunnen slechts aanleveren wat de grote warmtepompenleveranciers ze bieden. Ze laten zes folders zien van zes apparatenbouwers en zeggen: maak maar een keus.

Als de corporatie zegt: we hebben er heel veel nodig en deze zijn allemaal te duur, gaan ze bellen en kan er vervolgens 10 procent van de prijs af. Natuurlijk chargeer ik nu. Dit is wel vaak de praktijk. En dat kunnen corporaties met een open innovatie aanpak doorbreken. Daarvoor zullen ze aan moeten kloppen bij de apparatenbouwers zelf.’

Zonder gedragsverandering geen innovatie

Een van de valkuilen van innoveren is dat we snel in technische oplossingen denken, zegt Wielens. ‘Ik ben weliswaar een echte techneut, maar ik weet dat innovatie altijd over gedrag gaat. Als het niet leidt tot gedragsverandering, is er meestal geen echte innovatie.’ Hij geeft het voorbeeld van de warmteterugwinsystemen.

‘Op papier een mooi systeem waarbij de buitenlucht door een warmtewisselaar wordt verwarmd en er altijd toevoer is van verse lucht. Maar veel van die apparaten maken herrie en bovendien missen gebruikers de beleving van frisse lucht. En dus trekken ze de stekker uit het apparaat en doen ze de ramen open. Een mooie technische uitvinding, maar geen innovatie omdat het gedrag niet mee is veranderd.’

Als techneut is Wielens vooral betrokken bij de voorbereiding en uitvoering van open innovaties rond de meer technische thema’s. Zijn collega’s bij de Open Innovation Academy hebben ook sociaal-maatschappelijke onderwerpen aangepakt. Bijvoorbeeld de ex-daklozenproblematiek (resocialisatie) in Eindhoven. ‘Het draait er uiteindelijk altijd om dat er een samenwerkingsverband komt waarin meerdere partijen tot een oplossing komen.’

Is er een maatschappelijk thema waarin hij samen met anderen zijn tanden zou willen zetten om tot vernieuwende oplossingen te komen?

‘De flexibilisering’, zegt hij na enig nadenken. ‘Ooit is er bedacht dat ongeveer 5 procent van de beroepsbevolking in uitzendachtige constructies zou moeten werken. Dat is goed voor de arbeidsmarkt. Inmiddels heeft in Nederland bijna 20 procent een flexibel arbeidscontract. Dat is geen oplossing meer, dat is een probleem.’

‘Ik zie in de sociale verhuur langzaamaan ook steeds meer flexibele huurcontracten ontstaan. Zo verliezen we in Nederland een deel van de bevolking. Er ontstaat op allerlei levensterreinen een onderscheid tussen mensen aan de goede en aan de slechte kant van de streep. Dat vind ik een belangrijk vraagstuk om aan te pakken.’

VERNIEUWINGSAGENDA

Corporaties en partnerorganisaties zijn nu ruim een jaar hard aan de slag in de Vernieuwingsagenda om de sector te vernieuwen en te verbeteren. Dit doen zij op zes thema’s: Verduurzamen, Betaalbaar bouwen en wonen, Wonen en Zorg, Digitalisering en informatievoorziening, Leefbare wijken en buurten, en Verbeteren bedrijfsvoering en veranderkracht.

tekst: marjon van weersch