Volgend artikel
Aedes-Magazine editie 1-2020

Beeldreportage

‘IEDEREEN IS WELKOM VOOR EEN BAKKIE’

Opgeknapte Kolpingbuurt in Nijmegen

8 minuten leestijd

In de Nijmeegse Kolpingbuurt hangen de touwtjes nog uit de brievenbus. De buurt had vroeger een negatief imago door overlast en criminaliteit. Dat is ten goede gekeerd. Sinds de herinrichting samen met de bewoners is het een gezellige volksbuurt waar ook mensen uit andere delen van Nijmegen graag willen wonen. Vorig jaar kon heel Nederland meeleven met de bewoners in de NPO-serie De Kolping – een volkswijk in renovatie.

Zelfs op een gure winterdag leven de ‘Kolpingnaren’ op straat. Iedereen kent en groet elkaar. Juul Heimans hangt over de rand van de half geopende boerendeur van zijn gerenoveerde woning. Hij is een van de vele Kolpingnaren die in deze buurt zijn opgegroeid en nooit meer weg willen.

Foto: Bart van Dieken

KOLPINGBUURT BEZOEKEN?

Talis en aannemer Hendriks Bouw en Ontwikkeling gaan in april/mei 2020 rondleidingen organiseren voor corporaties in Kolpingbuurt. Elke corporatie kan zich daarvoor inschrijven. Stuur een mailtje naar reactie@talis.nl als je een uitnodiging wilt ontvangen.

De boerendeur was een wens van de bewonersprojectgroep, die dit had afgekeken van de Tilburgse Vogeltjesbuurt. Talis besloot niet alleen de nieuwbouwwoningen, maar ook de gerenoveerde woningen van een dergelijke deur te voorzien. Die staat symbool voor de openheid die de bewoners uitstralen. De levensloopbestendige woning van Erwin en Maria Aben is een zoete inval, want zij hebben ook nog een ‘terrasje’ voor hun deur.

Dolgelukkig
Erwin is nieuw in de Kolpingbuurt, maar voelt zich vanaf het begin geaccepteerd. ‘Ik kwam er wel regelmatig. Vroeger was het anders. Wat zal ik zeggen: soms was het té gezellig. Maar in het algemeen heeft de Kolpingnaar een groot hart op de goeie plek, al wordt daar soms verkeerd tegenaan gekeken.’

Met zijn vrouw Maria, die in deze buurt is opgegroeid, heeft hij hiervoor twaalf jaar in Beuningen gewoond, tegen Nijmegen aan. ‘De eerste avond daar vergeet ik nooit meer. Ik keek naar buiten en alles was donker. Het was doodstil op straat. Ik zei tegen Maria: volgens mij wordt hier niet geleefd.’

Sinds vier jaar is Maria door onder andere drie hernia’s gekluisterd aan een rolstoel. Toen ze hoorden dat er in de Kolpingbuurt levensloopbestendige woningen werden gebouwd voor mensen met een lichamelijke beperking, grepen ze hun kans. Maria is dolgelukkig met de terugkeer op de plek van haar jeugd.

‘Toen we hier vorig jaar kwamen wonen, was het nog een zandbak. Maar al wel gezellig. Iedereen zette koffie voor elkaar’

Erwin heeft tijdens de crisis zijn baan als shovelchauffeur bij een grondverwerkingsbedrijf verloren en is sindsdien niet meer aan de bak gekomen. Hij heeft nu alle tijd voor de verzorging van zijn vrouw. Daarnaast is hij al 40 jaar een verwoed zendamateur. Daarmee heeft hij Maria aangestoken. Beiden hebben via het bakkie een sociaal netwerk opgebouwd met mensen uit de wijde omgeving, die vaak ook langskomen om koffie te drinken. 

Erwin: ‘Toen we hier vorig jaar kwamen wonen, was het nog een zandbak. Maar al wel gezellig. Iedereen zette koffie voor elkaar. En ’s avonds kwam iedereen elkaar tegen bij de cafetaria, omdat er door de renovatie weinig gelegenheid was om te koken.’

De cafetaria – voorheen een supermarkt – is een van de weinige panden die in de oude staat is gebleven. Net als de vier koophuizen aan het eind van de buurt, waar studenten wonen. Verder zijn alle woningen nieuw of gerenoveerd en eigendom van Talis.

Foto: Bart van Dieken

Truus Lentjes (links op de foto) – die ook uitgebreid werd gevolgd in de tv-serie over de Kolpingbuurt – op bezoek bij haar dochter Heidi en kleinkinderen Amber en Jayden. Haar echtgenoot is vlak voor de sloop van zijn huis overleden. Truus kon het psychisch niet aan om in de oude woning te blijven en kreeg vervroegd een wisselwoning, maar moest snel weer naar een ander tijdelijk adres. Nu komt ze tot rust in haar nieuwe appartement.

Heidi: ‘Mijn moeder heeft het moeilijk gehad met haar gezondheid. Maar iedereen kent haar en helpt als het nodig is. Als ze in een andere buurt had gewoond, was het niet goed afgelopen.’

Zonder wielen
De Kolpingbuurt is geen gewone buurt. Dat komt door haar geschiedenis en ligging. Tussen 1950 en 1953 bouwde de net opgerichte Katholieke Woningbouwvereniging Kolping (later opgegaan in Talis) 254 woningen op het kleine stukje goedkope grond tussen de Muntweg en de spoorlijn.

De meeste woningen werden toegewezen door de gemeente. Die bestemde een groot deel van de nieuwe huizen voor urgente woningzoekenden, zoals Indische Nederlanders en bewoners van krotten en noodwoningen. Ook ambtenaren en arbeiders van nabijgelegen fabrieken vonden er onderdak.

De Kolpingbuurt groeide uit tot een arbeidersbuurt met een heel eigen karakter. Er is één toegangsweg. Wie er niets te zoeken heeft, komt er niet. Dit heeft het wij-zijgevoel in de buurt versterkt. De bewoners gingen voor elkaar door het vuur, maar moesten weinig hebben van ‘indringers’.

Ze tartten het gezag en trokken zich weinig aan van wet en gebod. De politie durfde er niet op te treden zonder een ME-peloton achter de hand. Medewerkers van Talis voelden zich er ook niet altijd veilig.

‘De bewoners gingen voor elkaar door het vuur, maar moesten weinig hebben van wat zij zagen als indringers’

Elly Wolf, sinds 2012 actief als wijkadviseur in de Kolpingbuurt: ‘Het gebeurde wel dat collega’s na een bezoekje in de wijk hun auto zonder wielen terugvonden.’ Nieuwkomers werden argwanend bekeken. Wolf: ‘Bij een bezichtiging kregen ze soms te horen dat anderen de woning harder nodig hadden. Dan dropen ze af en zo kon het gebeuren dat nummer 140 of 150 op de lijst de woning kreeg.’ 

Veel bewoners leefden van een uitkering. Dat was haast de norm. Wolf: ‘Als iemand ’s ochtends naar zijn werk ging, kwam het voor dat de buren hem toeriepen dat je gek bent om te werken voor je geld, want je kunt het geld ook gewoon krijgen.’

Einde aan de ‘vrijstaat’
Toenmalig burgemeester Ter Horst besloot begin deze eeuw een einde te maken aan wat zij de ‘vrijstaat’ noemde en nam een voorschot op wat later de Rotterdamwet ging heten. Er kwamen regels voor een bijzondere woningtoewijzing. Nieuwe bewoners moesten 23 jaar of ouder zijn, betaald werk hebben en mochten de vijf voorgaande jaren niet in aanraking zijn geweest met justitie.

Foto: Bart van Dieken

Dit heeft de buurt in sociaal opzicht goed gedaan, stelt Wolf. In 2014 besloot Talis geen nieuwe bewoners meer te huisvesten in vrijkomende woningen, omdat ze in dat jaar de plannen voorbereidde voor renovatie en nieuwbouw.

Wolf: ‘De Kolpingbuurt was in onze ogen een normale volkswijk geworden en dat wilden we zo houden. De sociale cohesie die we in andere buurten met moeite van de grond krijgen, is hier van nature aanwezig. Hier krijgt niemand de kans maandenlang dood te liggen in zijn huis. Als iemand ziek is, komen de buren met een pannetje soep langs.’

Participatie
Toen Talis aankondigde de buurt op de schop te nemen, namen bewoners aanvankelijk een verzetshouding aan. Wolf: ‘Ze waren gewend dat alles voor hen werd bepaald, dus er zou wel een kant-en-klaar plan in de la liggen. De stemming sloeg om, toen bestuurder Ronald Leushuis tijdens een buurtbijeenkomst duidelijk maakte dat er nog niets was besloten en dat bewoners zich konden opgeven voor een participatietraject om mee te denken.’

Hillina Wolters, sinds 2015 als projectleider bij de Kolping betrokken en tegenwoordig projectmanager bij Talis: ‘Zowel nieuwe bewoners als mensen die hier al lang wonen gaven zich op. Van de 28 participanten zijn er zo’n twaalf tot het einde actief gebleven en zij haalden ideeën op bij andere buurtbewoners.’

‘Wij wilden zo min mogelijk slopen, want nieuwbouw kost meer geld dan renovatie. Ons aanvankelijke idee was de minder mooie woningen aan het begin van de wijk te slopen en de chiquere aan het eind te renoveren. Maar de bewoners waren bang voor een scheiding tussen een oude en nieuwe Kolping. Daarom hebben we renovatie en nieuwbouw door elkaar gedaan.’

‘Wij wilden zo min mogelijk slopen, want nieuwbouw kost meer geld dan renovatie’

Bijna de helft is vernieuwd. Na aanbestedingsprocedures, waarbij bewoners ook werden betrokken, is aannemer Hendrik Bouw en Ontwikkeling van drie partijen als beste uit de bus gekomen. Advies- en ontwerpbureau Buro SRO kwam op het idee van de Kolpingstraat weer de hoofdstraat te maken die ze vroeger ook was, onderbroken door zes pleintjes (vroeger waren dat er twee) die als bedeltjes aan een armband (de hoofdstraat) hangen.

Hiermee werd voldaan aan de wens van meer licht en ruimte. Een aantal woningen dat dwars op het spoor stond, is vervangen door nieuwe woningen evenwijdig aan het spoor. Die hebben als voordeel minder geluidsoverlast.

Eervolle vermelding
Voor het betrekken van de bewoners bij de fysieke én sociale opknapbeurt van de buurt kreeg Talis in februari een eervolle vermelding bij de uitreiking van de jaarlijkse Architectuurprijs van Architectuurcentrum Nijmegen. ‘Hun aanpak is een inspirerend voorbeeld voor werken aan sociale duurzaamheid’, aldus het juryrapport.

Wolters roemt de samenwerking tussen corporatie, aannemer gemeente en bewoners. ‘Soms vond de aannemer dat we te veel meegingen in de wensen van de bewoners. Dan ging hij op de rem staan. Bij nader inzien waren bewoners bijvoorbeeld niet blij met de plekken voor de leidingen en radiatoren van de cv, maar dat kon de aannemer niet meer veranderen zonder hoge kosten te maken.’

‘En de bewoners van hoekwoningen zagen hun wens voor een achterom naast hun woning niet in vervulling gaan, omdat de architect bedong dat daar een dichte muur kwam. Maar in grote lijnen is iedereen blij met het resultaat.’

Foto: Bart van Dieken

Erwin en Maria Aben zijn dolgelukkig met hun levensloopwoning in de Kolpingbuurt. Erwin is al 40 jaar een verwoed zendamateur. Daarmee heeft hij Maria aangestoken. Beiden hebben via het bakkie een sociaal netwerk opgebouwd met mensen uit de wijde omgeving, die vaak ook langskomen om koffie te drinken. 

Met handkarren spullen verhuizen
Voordat het zover was, hebben bewoners veel overlast moeten doorstaan. Straten die op last van nutsbedrijven keer op keer werden opengebroken; bewoners die twee en soms zelfs drie keer van woning moesten wisselen. Soms konden ze er met de auto niet door om hun spullen te verhuizen, maar ook hier deed de burenhulp wonderen. Met handkarren hielpen ze elkaar om de boedel van de ene naar de andere plek te sjouwen.

Wolters: ‘Tijdens een recente evaluatie hebben we ons de vraag gesteld of we beter een jaar extra hadden kunnen uittrekken voor de uitvoering van alle werkzaamheden. Nu hebben we alles binnen anderhalf jaar moeten doen, wat het voor iedereen behoorlijk intens maakte.’

Blijven
Vooraf konden bewoners aangeven of ze in de Kolping wilden blijven wonen en dus tijdelijk een wisselwoning wilden. Of dat ze met stadsvernieuwingsurgentie wilden verhuizen, bijvoorbeeld omdat ze opzagen tegen twee keer verhuizen, een grotere woning wilden of in een andere wijk wilden wonen. Toch is van die mogelijkheid nauwelijks gebruikgemaakt, ook niet door de nieuwelingen in de wijk. Iedereen die wilde, kon in de wijk blijven wonen en bijna iedereen wilde dat ook. ‘Dat nam veel kou uit de lucht’, zegt Wolters.

‘Iedereen die wilde, kon in de wijk blijven wonen en bijna iedereen wilde dat ook’

De huurders van de gerenoveerde woningen betalen hetzelfde als vóór de renovatie. Bij mutaties gaat de huur zelfs iets omlaag om een betere verhouding te krijgen met de huur van de nieuwbouwwoningen, die groter zijn en beter geïsoleerd. Overigens hebben alle woningen zonnepanelen, zodat iedereen zijn energiekosten kan verlagen.

Voor de bewoners die twee keer moesten verhuizen is het zwaar geweest, zegt Wolf. ‘Daardoor hebben we dingen gedaan die we normaal niet doen. Vaak ook om geen tijd te verliezen. Als een wisselwoning leeg moet omdat er andere mensen in moeten en de bewoner ligt in het ziekenhuis, dan halen we zelf even de spullen op.’ 

Wijntje na het kibbelen
In de tv-serie die over de Kolpingbuurt is gemaakt en afgelopen december werd uitgezonden, worden Elly Wolf en haar collega Bert van den Hurk gevolgd bij de steun aan bewoners. Zo zien we dat Bert de ene bewoner helpt met het ophangen van de gordijnen en de andere met het verhuizen van de koikarpers in een klikobak vol water. Hij heeft zelfs een tweedehands zwembad via Marktplaats gekocht als tijdelijk onderkomen voor de vissen.

Wolf: ‘Dat was voor mij over de grens. Prima om oplossingen aan te dragen, maar bewoners moeten het zelf doen en niet de wijkbeheerder. Daar hebben Bert en ik stevige discussies over gehad. Ze noemden ons wel het echtpaar van Talis, haha. We konden enorm kibbelen, maar aan het eind van de dag dronken we samen een wijntje en was het weer goed.’

Foto: Bart van Dieken

Annabel Meulenveld (23) huurt één van de vier woon-werkwoningen. Ze voldoet aan de eis van Talis van bedrijvigheid met uitstraling voor de buurt. Annabel maakt onder andere vlogs en bedrijfsvideo’s in opdracht (annabel.nl). Is opgegroeid in Nijmegen, maar nieuw in de Kolpingbuurt: ‘De mensen zijn hier heel direct en superaardig.’

tekst: simon kooistra