Volgend artikel
Aedes-Magazine editie 6-2017

Interview

MENNO LANTING, TRENDWATCHER EN AUTEUR

over samenwerken en innovatie in de corporatiebranche

6 minuten leestijd

Na de industriële revolutie is het nu tijd voor de netwerkrevolutie. ‘Woningcorporaties hebben in deze revolutie een uniek voordeel dat ze al een netwerk zijn’, zegt Menno Lanting, trendwatcher en auteur van diverse managementboeken. De toekomst vraagt om meer samenwerken met oog voor innovatie. ‘Hoe innovatiever een organisatie is, hoe wendbaarder en hoe relevanter je blijft voor je omgeving in de toekomst.’

Menno Lanting schreef een aantal boeken over innovatie, organisaties en leiderschap en was een van de sprekers tijdens de drukbezochte
Corporatiedag op 23 november 2017 in Harderwijk. Daar sprak hij over hoe je innovatie organiseert, over de toekomst van de corporaties en wat dat vraagt van medewerkers en hun leiders. ‘Vaak hebben organisaties, dus ook corporaties nog een structuur uit de twintigste eeuw. Ze hebben alles in huis om mee te gaan met de tijd en te veranderen in een wendbare organisatie, juist vanwege het voordeel dat ze al een netwerk zijn.’ Wie denkt dat Lanting vertelt of ze goed bezig zijn, komt bedrogen uit. ‘Dat moeten ze zelf inschatten. Ik wil mensen laten nadenken over de toekomst. Ik ga er geen antwoord op geven.’

U zegt dat woningcorporaties nog in oude structuren werken. Wat bedoelt u daarmee?

‘Oud en hiërarchisch. Kennis is macht en veel bestuurders zitten al jaren in dezelfde functie en vullen die in zoals ze dat al jaren doen. Zo zijn ze het gewend, dat kennen ze en het werkt voor hen. De jonge generatie verwacht andere dingen van organisaties, een andere structuur. Een structuur die past bij een netwerksamenleving. Het is meer “je” en “jij” in plaats van u. Zij hebben behoefte aan organisaties waar de verantwoordelijkheid gedeeld is. Een meer platte organisatie. Verder heeft de buitenwereld ook meer kennis en toegang tot informatie dan vroeger. Dat vraagt om organisaties die zich daar meer aan spiegelen, die nadenken of die informatie klopt. Corporaties hebben in principe alles in huis om hieraan te kunnen voldoen.’

‘Mijn advies aan corporaties: deel kennis, besteed aandacht aan het ontwikkelen van talenten en durf bestaande organisaties opnieuw in te richten’

Hoe kunnen woningcorporaties dat doen?

‘Mijn advies aan corporaties: verander mee met de wereld. Kijk hoe je slimmer kunt samenwerken met elkaar en met andere organisaties. Deel kennis, besteed aandacht aan het ontwikkelen van talenten en durf bestaande organisaties opnieuw in te richten, ook al doe je al decennia lang hetzelfde. De overgang gaat moeizaam, maar dat is overal. We zijn de afgelopen jaren anders gaan werken door de digitalisering en de toenemende mondigheid van de buitenwereld. Zij krijgen meer informatie, al is die niet altijd betrouwbaar, het is makkelijker om kennis te delen, maar het nodige moet nog gebeuren om de kennis ook snel op de juiste plek te krijgen. Mijn stelling is dat als je relevant wil blijven, je moet veranderen zonder je eigenheid te verliezen. Wendbaarheid vraagt om een cultuur en structuur die gericht is op het maximaliseren van contact tussen mensen met verschillende achtergronden en expertises. Rigide (staf)afdelingen, “verzuiling” en hiërarchische structuren mogen daarbij niet in de weg staan en moeten zo veel mogelijk worden ontbonden. Hier zit direct de crux, want de aanzet tot deze beweging moet komen van directies en stafafdelingen die juist onderdeel en vaak ook belanghebbende zijn van de bestaande constellatie. Stel uw eigen bestaansrecht voortdurend ter discussie. Dat is feitelijk de belangrijkste opdracht om te komen tot een wendbare organisatie en wendbare medewerkers.’

Hoe doe je dat, veranderen zonder je eigenheid te verliezen?

‘Nieuwe manieren van werken kunnen je daarbij helpen. Bijvoorbeeld door minder te vergaderen, want dat kost veel tijd. Hiervoor kun je digitale middelen gebruiken. Ik ken directeuren met WhatsApp-groepen om de agenda’s door te nemen en snel dingen te bespreken en er zijn ook interne sociale media die daarbij kunnen helpen. Die zijn bij corporaties nog niet of nauwelijks in gebruik en dat kan wel helpen om flexibeler en wendbaarder te zijn.’

Foto: Medea Huisman

MENNO LANTING (45)

is expert op het gebied van de invloed van digitale technologie op leiderschap, ondernemerschap en hoe wij werken. Hij is veelgevraagd spreker en adviseur en schreef vijf boeken. Voor zijn laatste boek interviewde hij wereldwijd 100 inspirerende en innovatieve ondernemers en leiders over hun kijk op ondernemen, samenwerken en leidinggeven in het netwerktijdperk.

Betekent dat dat corporatiemedewerkers straks altijd een beetje moeten werken?

‘Elke nieuwe stap levert een nieuw probleem op. Voor het omgaan met de 24-uurs-economie moeten we nog een manier vinden. Burgers willen vaker contact met organisaties ook buiten kantooruren. De vraag is dan hoe je zorgt dat jij en je medewerkers gezond blijven zonder relevantie te verliezen. Daar heb ik nog geen antwoord op. Iedereen moet voor zichzelf nadenken over werk, carrière en leven. Kijk naar je carrièreontwikkeling. Woningcorporaties en vooral hun besturen moeten een visie ontwikkelen op de maatschappelijke thema’s van deze tijd met in hun achterhoofd dat de wensen snel veranderen. Tien jaar geleden was een netwerksamenleving nog ver weg, nu zitten we er middenin.’

Misschien komen er allemaal robots om hun werk over te nemen?

‘Ik denk niet meteen aan robots. De trend is eerder dat door toenemende digitalisering de behoefte aan persoonlijk contact groeit. Daar is ook meer tijd voor als corporaties hun administratie automatiseren en het aantal vergaderingen terugdringen. Wel zijn er al voorbeelden van innovaties die hen helpen bij het werk zodat ze slimmer en innovatiever hun taken kunnen vervullen. Bijvoorbeeld huizen met sensoren die merken als een bewoner is gevallen. Die kant is nog wel onderontwikkeld. Alles rond digitalisering is altijd uitbesteed aan de afdeling ICT en die was niet bezig met concepten. Corporaties hebben een visie, missie en strategie nodig om hiermee om te gaan. Of het nu gaat om een empathische woning met lichtjes in de nacht voor de route naar het toilet of een toekomstklare organisatie die slim werkt. Dat vraagt meer dan techniek. Het gaat ook om de vraag hoe je verbonden blijft met de jongere doelgroep en hoe je omgaat met de andere verwachtingen die zij van hun omgeving hebben. Hoe neem je de nieuwe generatie mee? Ook daar heb ik geen pasklaar antwoord op.’

Welke innovatie is iets voor de woningmarkt om rekening mee te houden?

‘Ik ben geen expert op de woningmarkt, maar ik zie steeds meer individuele woonconcepten opduiken. Meer mensen wonen alleen en oudere mensen willen steeds langer zelfstandig blijven wonen. We willen sneller en goedkoper gebouwen neerzetten en dan willen we ook duurzaam bouwen en materialen zoveel mogelijk hergebruiken bij sloop en nieuwbouw. Daar klinkt een technische ondertoon in door en we moeten weten wat kan. Maar de wensen van mensen veranderen nog sneller. Zo ontstaat een mismatch tussen corporaties en de buitenwereld. Die wensen veranderen namelijk sneller dan een organisatie kan veranderen en daarom is het zaak om wendbaarder te worden. Ook omdat woningcorporaties meer moeten doen met minder middelen. Dat schreeuwt om innovatie.’

Hoe kunnen corporaties die wendbaarheid bereiken?

‘Zij kunnen investeren in meer zelfsturing en in het leggen met verbanden met de buitenwereld. Zij moeten meer en sneller leren over hun doelgroepen. Dat is zeker geen gesneden koek voor de huidige generatie corporatiemedewerkers. Binnen de organisaties staat al veel op stapel om met de tijd mee te gaan, maar ze moeten ook open zijn. Praat erover met medewerkers en bewoners, ook al heb je weinig gevoel bij deze ontwikkelingen. Wendbaarheid vraagt om een hernieuwde oriëntatie op toegevoegde waarde. Dit is een bijzonder spannend, ingrijpend en vaak persoonlijk proces. Waarbij het gaat om dappere gesprekken, concrete en samenhangende acties, zelfinzicht, aanjagen, ondersteunen en van ontwikkeling en groei. Wendbaarheid toont zich in persoonlijk leiderschap, zelden in strategienotities.’

En hoe ziet de toekomst er dan uit?

‘Het is nog de vraag hoe dit uitpakt. Grote revoluties herken je pas als ze voorbij gaan. Dat was 100 tot 120 jaar geleden ook zo bij de industriële revolutie. Maar je ziet tekenen als onrust op maatschappelijk vlak. Kijk naar de ontwikkelingen in de Verenigde Staten waar president Trump kolencentrales terug wil. Of dichterbij huis is jaren besmuikt gelachen over zelfrijdende auto’s en de inzet van robots, maar dat is nu realiteit. Denk daarover na, begin met het veranderen van de organisatie, ontwikkel een visie en zorg dat je klaar bent voor het voldoen aan de wensen van een nieuwe generatie bewoners.’

CORPORATIES WERKEN AAN VERNIEUWING

Aedes en haar leden werken met partnerorganisaties samen aan vernieuwing en innovatie in de sector. Dit doen zij op zes thema's. Lees meer over deze Vernieuwingsagenda.

tekst: elske koopman