Volgend artikel
Aedes-Magazine editie 4-2019

Mensen en Wonen

‘Gewoon meedoen in het groepsgebeuren’

2 minuten leestijd

‘We kijken hier naar elkaar om. Mensen moeten wel zelfredzaam zijn, we zijn geen mantelzorgers, maar we nemen elkaar wel op sleeptouw als dat nodig is. naboarschap is hier vanzelfsprekend.’

‘We wonen niet groot, maar het is genoeg. We hebben hier een woonkamer, keuken, balkon, slaapkamer, een kleine kamer en een toilet en douche in een. Verder is er een aantal gemeenschappelijke ruimten, zoals de ontmoetingsruimte en een hobbykamer met biljart.’

‘We stonden ook ingeschreven bij een andere woongroep in Wijk bij Duurstede, maar toen bleek dat het een groter complex zou worden, zijn we overgestapt naar de Pepijnhof.’

Foto: Rob ter Bekke

Henk Jacobs (74) woont sinds september 2016 met zijn vrouw Tea (76) in een appartement van zo’n 45 vierkante meter op de tweede etage in de Pepijnhof van Viveste in Wijk bij Duurstede. Het is een woongroep voor ouderen met 22 appartementen. De huur is 625 euro inclusief 50 euro servicekosten.

‘Je kunt hier van alles doen. Ik biljart op maandagavond, klaverjas op donderdag. Tea gaat op de maandagavond sjoelen en op dinsdag hebben we een koffieochtend. Tea mijn vrouw regelt dat met een andere bewoonster.’

‘Ik ben voorzitter en secretaris van de biljartclub van acht man en ik ben secretaris van de vereniging Groepswonen voor ouderen. Via het secretariaat loopt de verenigingsadministratie. Daarbij hoort het onderhouden van contact met Viveste en met de buitenleden. Dat zijn aspirant-bewoners en wij hebben nu al 32 aanmeldingen.’

Meedoen
‘De wachttijd om hier te komen wonen is ongeveer 7 tot 10 jaar. In principe hebben we gezegd dat mensen niet jonger dan 50 en niet ouder dan 67 mogen zijn om hier ingeschreven te kunnen worden. Als ze eenmaal hier wonen, moeten ze wel gewoon meedoen in het groepsgebeuren, zoals in diverse commissies.’

‘We hebben een beheercommissie voor de ontmoetingsruimte, een tuincommissie voor de voor- en achtertuin, een activiteitencommissie. Er is veel te doen.’ 

tekst: elske koopman