Volgend artikel

Huisvesters van het volk

Martin Uitenbosch

1 minuten leestijd

Hij praat liever dan dat hij timmert. Die conclusie kun je wel trekken als je het leven van Martin Uitenbosch (1857-1913) overziet. Maar dan wel praten in dienst van een hoger doel: arbeiders aan betere leefomstandigheden helpen.

Zelf al heel jong wees, gaat hij in de leer bij een timmerman waar zijn slaapplaats in de houtkrullen is, onder de werkbank. Uitenbosch trouwt de dochter van de dorpssmid en vestigt zijn eigen timmerbedrijfje in Alkmaar. Daar raakt hij allengs verzeild in allerlei sociale en politieke activiteiten, zoals een coöperatieve bouwvereniging en de Vereeniging tot verbetering der Volkshuisvesting Alkmaar (VVA). Uitenbosch is van beide verenigingen voorzitter en vanaf 1901 bovendien raadslid voor de Sociaal Democratische Arbeiders Partij.
In die hoedanigheid pleit hij in 1904 bijvoorbeeld voor een woonvertrek van minimaal 16 vierkante meter in arbeiderswoningen. Een meerderheid in de raad houdt het in de gemeentelijke woningverordening op 12 vierkante meter, uit vrees dat huizen anders voor arbeiders te duur zullen worden.

Foto: Eline Hensen

In 1907 blijkt uit een woningonderzoek in Alkmaar dat 140 arbeiderswoningen eigenlijk rijp zijn voor sloop. De VVA wil vervangende betaalbare huizen bouwen, tegen een huur van 1 à 1,5 gulden per week. Uitenbosch en zijn medebestuursleden praten zich de blaren op hun tong om bouwgrond te regelen. Dat lukt uiteindelijk in 1912. Uitenbosch maakt de oplevering van deze eerste 40 woningen – op de foto – nog mee.
Na zijn overlijden in 1913 heet de straat Uitenboschstraat. De woningen zijn tegenwoordig gemeentelijk monument en nog steeds als sociale huurwoningen in beheer bij woningcorporatie Van Alckmaer.

Meer over de geschiedenis van sociale woningbouw in de Canon Volkshuisvesting.

tekst: margriet pflug, foto: eline hensen