Volgend artikel
Aedes-Magazine editie 1-2018

Zestien uit tweeëndertig

Jan Fokkema

3 minuten leestijd

16 min of meer persoonlijke vragen en 16 vragen over sociale huisvesting. Deze keer is het Jan Fokkema, directeur van de branchevereniging voor projectontwikkelaars NEPROM die blind de vragen kiest.

13 Uw buurmeisje van acht vraagt wat voor werk u doet. Wat antwoordt u?

‘Ik help andere mensen zodat zij mooie huizen, buurten en wijken kunnen bouwen.’

11 Waar werd u in het afgelopen jaar heel erg blij van?

‘Van twee dingen. Dat het zo goed op de woningmarkt gaat dat veel partijen weer actief zijn en dat we negen nieuwe leden, ontwikkelbedrijven, er bij hebben gekregen. Het tweede is privé: dat onze dochter van achttien, die sinds haar zevende in mijn leven is, heeft besloten om mijn achternaam te nemen.’

27 Wat maakt een wijk goed om in te wonen?

‘Dat moet je aan de mensen zelf vragen. Wij hebben als NEPROM het rapport Ruimte maken voor het Nationaal Geluk gepresenteerd. Ik vind dat een wezenlijke vraag waar projectontwikkelaars, beleggers en bouwers mee bezig moeten zijn. Je moet woningen, wijken en buurten mooi willen maken en vaker met bewoners om tafel over wat zij goed en minder goed aan hun buurt vinden.’

28 Wat zou u doen aan de wachttijden voor een sociale huurwoning?

‘Dat vind ik een lastige. Veel mensen wonen nu nog in sociale huurwoningen, terwijl ze eigenlijk zouden moeten doorgroeien. Die moet je verleiden en zo nodig onder druk zetten om te verhuizen. Maak nieuwbouw voor de doorstroming met alle vormen van sociale huur, middenhuur en koopwoningen en ga eenzijdige wijken herstructureren zodat ook daar gemengde buurten ontstaan.’

26 Hoeveel huurwoningen heeft Nederland nodig?

‘Ook dat moet je aan de mensen zelf vragen. Veel mensen hechten eraan een woning in bezit te hebben. Ja, er is een tekort aan middenhuur, maar een deel van de vraag komt ook van mensen die vanwege te strenge hypotheeknormen geen koopwoning kunnen krijgen. Dat moet anders.’

1 Aan welk huis bewaart u de beste herinneringen?

‘Aan mijn huidige huis in de VINEX-wijk, waar ik met mijn vrouw en dochter woon.’

16 Wat was uw laatste goede voornemen?

‘Om me minder gek te laten maken door het werk en meer te relativeren.’

12 Wat vindt u zo belangrijk dat u het wil meegeven aan de volgende generatie?

‘Een aantal dingen vinden we te vanzelfsprekend. Democratie en individuele vrijheid, bijvoorbeeld. Jongeren wil ik meegeven dat je moet blijven werken aan de basis daarvoor: wederzijds respect en wellevendheid.

5 Hoe ervaart u uw dagelijks woon-werkverkeer?

‘Ik woon op tien kilometer afstand van mijn werk, maar ga meestal met de auto. Als ik een enkele keer niet in pak hoef, geen afspraken heb en het weer zit mee, ga ik op de fiets. Daar voel ik me eigenlijk het beste bij.’

14 Wat doet u op zaterdagochtend?

‘Uitslapen, de krant lezen, conditietraining op de sportschool en gezellig thuis zijn met mijn vrouw en dochter.’

10 Met wie zou u het liefst een uur in de lift vastzitten?

‘Het liefst helemaal niet. En zeker niet met mijn vrouw of dochter, want die gun ik dat claustrofobische gevoel niet. Zakelijk misschien met Diederik Samsom. Ik heb veel respect voor hem en wil weten hoe dingen zijn gegaan en wat we daar van kunnen leren.’

29 Stel u gaat op proef wonen in een corporatiewoning, waar zou u op letten?

‘Ik heb in Amsterdam in een corporatiewoning gewoond. Ik let op ruimte, licht, geluid, of het comfortabel voelt, dat je denkt: hier kan ik me thuis voelen.’

7 Waarover heeft u voor het laatst wakker gelegen?

‘Over mijn werk. Dat kan zijn omdat er nog iets moest, of omdat iets niet goed ging. Maar gelukkig is dat alweer een hele tijd geleden.’

18 Wat is het grootste probleem van de Nederlandse woningmarkt?

‘…Dan ben je je hele leven hiermee bezig en dan kom je er niet op. Het makkelijkste antwoord is dat er te weinig woningen zijn. Het ingewikkelde antwoord is dat we voor grote transities staan, zoals energie, mobiliteit, duurzaamheid, verdergaande globalisering en we nog geen idee hebben van waar we naar toe gaan met Nederland.’

9 Uit wat voor nest komt u?

‘Ik kom uit een gereformeerd gezin. Mijn ouders komen uit Friesland en ik ben geboren op de Veluwe. Ik heb drie zussen. Het was een fijn gezin en ik ben beschermd en veilig opgegroeid.’

2. Hoe woont u als u 85 bent?

‘Ik hoop dat mijn vrouw en ik dan nog gezond genoeg zijn om samen te wonen, heel dicht bij onze dochter en dat haar wens in vervulling gaat en ze minstens vier kinderen heeft en een bijbehorende echtgenoot in een kinderrijke woonwijk en ik zou het leuk vinden als we een heel groot huis met haar gezin delen.’

JAN FOKKEMA (60)

Jan Fokkema is sinds eind 1999 directeur van de NEPROM, branchevereniging voor projectontwikkelaars. 

TEKST: ELSKE KOOPMAN, FOTO: JEROEN POORTVLIET